Direct naar  hoofdmenu / submenu / zoekveld
Home / Actualiteitenoverzicht / 2011 / WODC Rapport: Kiezen tussen twee kwaden.

WODC Rapport: Kiezen tussen twee kwaden.

Determinanten van blijf- en terugkeerintenties onder (bijna) uitgeprocedeerde asielmigranten. A. Leerkes, M. Galloway, M. Kromhout

Uitgeprocedeerde asielmigranten – daaronder zijn zowel asielzoekers van wie de asielaanvraag is afgewezen als voormalige asielvergunninghouders met een tijdelijke verblijfsvergunning die is geëindigd – moeten Nederland in beginsel binnen 28 dagen te verlaten. Wie niet zelfstandig vertrekt, riskeert uitzetting. Uit eerder onderzoek komt naar voren dat zelfstandige terugkeer vaak problematisch is; in de praktijk blijft een aanzienlijke minderheid van de uitgeprocedeerde asielmigranten in Nederland als illegale migrant. In dit WODC onderzoek zijn de veronderstelde determinanten van zelfstandige terugkeer bij (bijna) uitgeprocedeerde asielmigranten voor het eerst kwantitatief getoetst. De doelstelling van het onderzoek was om meer inzicht te geven in het relatieve gewicht van een bepaalde verklarende factor ten opzichte van andere factoren die zijn geopperd. Er is in het onderzoek gekeken naar de intentie tot zelfstandige terugkeer, illegaal verblijf in Nederland en – in mindere mate – doormigreren naar een derde land. Feitelijk terugkeergedrag is niet onderzocht.

Het rapport bestaat uit twee delen. In het eerste deel worden diverse factoren die in wetenschappelijke studies in verband zijn gebracht met terugkeer, empirisch getoetst. Het tweede deel gaat over het project ‘Toekomst in Perspectief’. Aan het onderzoek hebben 108 (bijna) uitgeprocedeerde asielmigranten deelgenomen. De meeste respondenten (84) hebben nooit een asielvergunning gehad en zijn benaderd op diverse asielzoekerscentra gericht op terugkeer verspreid over Nederland. De overige respondenten hadden een (tijdelijke) asielvergunning en woonden zelfstandig. Geen enkele respondent is afgewezen in de AC-procedure. De meeste respondenten geven aan afkomstig te zijn uit Afrika of Azië. Circa tachtig procent van de respondenten blijkt zeer negatief tegenover terugkeer te staan. Deze groep stelt niet van plan te zijn om zelfstandig terug te keren. Een minderheid van ongeveer twintig procent sluit zelfstandige terugkeer niet helemaal uit, terwijl slechts een enkeling echt van plan is om binnen twaalf maanden terug te keren.

Tegelijkertijd blijkt dat de meeste respondenten evenmin positief zijn over illegaal verblijf. Zij maken zich zorgen over de gezondheidszorg voor illegalen en de mogelijkheden om als illegale migrant inkomen en huisvesting te verwerven. Omdat doormigreren voor de meeste respondenten geen optie is, lijken veel uitgeprocedeerde asielmigranten het gevoel te hebben een keuze te moeten maken tussen twee kwaden: terugkeren naar het land van herkomst of onrechtmatig in Nederland blijven. Ook de deelnemers aan Toekomst in Perspectief blijken zeer negatief te zijn over terugkeer en vinden illegaal verblijf een betere optie. Zij verschillen in dat opzicht niet van de respondenten die niet aan het project hebben deelgenomen. Het doorlopen van de gesprekscyclus als onderdeel van het project lijkt weinig tot geen invloed te hebben op de intentie tot terugkeer, illegaal verblijf of doormigreren.

 

Bron: De publicatie is te raadplegen via de website van het WODC

 

Uitgelicht


Zoeken