Direct naar  hoofdmenu / submenu / zoekveld
Home / Actualiteitenoverzicht / 2012 / De werkster komt steeds vaker uit Latijns-Amerika

De werkster komt steeds vaker uit Latijns-Amerika

De werkster in met name de Randstad komt steeds vaker uit Latijns-Amerika.

In veel gevallen gaat het om vrouwen die sinds de jaren negentig uit Zuid-Amerikaanse landen als Brazilië, Ecuador, Colombia en Bolivia naar Spanje zijn gemigreerd om er te werken in de schoonmaak en horeca. Nu ze door de recessie in die landen hun baan kwijtraken, trekken ze naar het noorden van Europa: naar Nederland, Duitsland en Scandinavië. Een deel van deze

arbeidsmigrantes keert terug naar huis, een deel zoekt zijn heil in Noord-Europa, verklaart zij de toename van Latijns-Amerikaanse werksters in Nederland. De afgelopen twee jaar heeft zo bijna een half miljoen Latino's Spanje verlaten.

 

Schaduweconomie

Zowel de VN als wetenschappers kunnen geen concrete aantallen noemen omdat deze vrouwen werkzaam zijn in een grotendeels informele 'schaduweconomie'. Maar, zegt Oelz, 'de legalisatie in Spanje, Italiëen Frankrijk de afgelopen jaren van tienduizenden vrouwen uit Azië, Latijns-Amerika, Oost-Europa en Afrika die dit werk doen, heeft deze groep zichtbaar gemaakt en maakt duidelijk dat het om grote aantallen gaat'.

 

Vrouw

Mondiaal gezien is de arbeidsmigrant steeds vaker een vrouw. Uit landen als de Filipijnen, Indonesië en Sri Lanka gaan veel meer vrouwen dan - traditioneel - mannen naar het buitenland om werk te zoeken. Ook in sommige Latijns-Amerikaanse landen, zoals Brazilië en Ecuador, is het merendeel van de arbeidsmigranten tegenwoordig vrouw. Oorzaak is de afnemende vraag in ontwikkelde landen naar laagbetaalde 'mannenarbeid' en de toenemende vraag naar traditionele 'vrouwenarbeid' in de zorg. Van alle arbeidsmigranten die de afgelopen jaren naar Europa zijn gekomen, is 53 procent vrouw. Het gros werkt in de huishouding. 'Het toenemend aantal vrouwen dat als broodwinner migreert, maakt de feminisering van migratie voelbaar', stelt ontwikkelingsorganisatie Caritas. De uittocht van moeders noemt zij een 'zorgdrain'.

 

Oelz van de ILO vindt het 'tragisch' dat veel migrantenwerksters een gezin in hun geboorteland hebben achtergelaten. 'Zij stellen met hun werk andere gezinnen in staat een zeker welstandsniveau te bereiken of behouden en een prettig gezinsleven te leiden door hen taken uit handen te nemen. Tegelijk gaat dit ten koste van het gezinsleven van deze vrouwen zelf.

 

Bron: Volkskrant 



Uitgelicht


Zoeken