Direct naar  hoofdmenu / submenu / zoekveld
Home / Actualiteitenoverzicht / 2017 / Twee nieuwe EMN Informs over staatloosheid en sociale media

Twee nieuwe EMN Informs over staatloosheid en sociale media

Eind 2016 heeft het EMN twee nieuwe Informs gepubliceerd: Een over staatloosheid en een tweede over het gebruik van sociale media bij mensensmokkel.

EMN Inform Staatloosheid in de EU

 

Deze EMN Inform geeft een overzicht van het beleid betreffend staatloosheid in de verschillende EU lidstaten.

 

Staatloosheid is een ernstig probleem voor de betreffende personen. Staatloosheid houdt in dat geen enkel land volgens zijn wetgeving de staatloze persoon als zijn onderdaan beschouwt.

Als gevolg hiervan ervaren staatlozen in veel landen ernstige problemen, bijvoorbeeld bij het verkrijgen van reisdocumenten, het aannemen van werk, het afsluiten van een ziektekostverzekering, het verkrijgen van een uitkering of het kopen van een huis.

 

Om informatie en good practices op het gebied van staatloosheid tussen de lidstaten te delen, heeft de Raad van de Europese Unie in 2015 het EMN gevraagd een platform over staatloosheid op te richten. In het licht van deze ontwikkeling heeft het EMN in 2016 besloten een EMN Inform op te stellen over staatloosheid om daarmee een eerste aanzet te geven tot informatie-uitwisseling tussen de lidstaten over dit onderwerp.

 

De Inform brengt in kaart wat de belangrijkste oorzaken van staatloosheid zijn, wat de procedures in de verschillende EU-lidstaten zijn voor vaststelling van staatloosheid en welke regelingen getroffen zijn voor erkende staatloze personen in de lidstaten. Hiervoor zijn via het EMN vragen gesteld aan de verschillende lidstaten. Ook zijn de resultaten gebruikt van de conferentie in april 2016 van het EMN Nationaal Contactpunt in Luxemburg over Staatloosheid en zijn verschillende additionele informatiebronnen geraadpleegd.

 

De belangrijkste oorzaken van staatloosheid zijn onder andere statenopvolging, vage of discriminerende nationaliteitswetten, ontheemding/gedwongen migratie, of het hebben van staatloze ouders. In Europa waren er volgens het UNHCR in 2015 592.151 staatlozen. De Inform laat zien dat er tussen de lidstaten grote verschillen bestaan in de procedures om de status van staatloze te verkrijgen zijn. De meeste lidstaten kennen een dergelijke procedure helemaal niet. In de landen waar dergelijke procedures wel bestaan zoals Frankrijk, Hongarije, Italië,Letland, Estland en het Verenigd-Koninkrijk, worden deze procedures, in elk land verschillend ingevuld. In België, Luxemburg en Nederland worden op dit moment initiatieven ontplooid om een aparte procedure voor de erkenning van staatloosheid te ontwikkelen.

 

In de meerderheid van de lidstaten is ook géén directe link tussen de erkenning als staatloze en de afgifte van een verblijfsvergunning: staatloze vreemdelingen worden behandeld als derdelander en zij kunnen voor elk type verblijfsvergunning een aanvraag doen. Ook is de toegang tot de arbeidsmarkt, onderwijs en gezondheidszorg in de meeste lidstaten niet verbonden aan de erkenning van het al dan niet staatloos zijn, maar aan de verblijfsvergunning van de erkende staatloze.

 

De genoemde lidstaten met een formele erkenningsprocedure verlenen automatisch (een vorm van) verblijfsrecht aan de staatlozen. In alle andere lidstaten die niet gebruik maken van een formele erkenningsprocedure kunnen staatlozen alleen in Ierland en Kroatië automatisch verblijfsrecht verkrijgen. Ierland en Kroatië stellen staatloosheid vast in een ad-hoc procedure waarbij de betrokken instanties per zaak bekijken naar de omstandigheden van het individuele geval. Hierbij wordt in deze lidstaten bij deze procedure wél verblijfsrecht afgegeven.

 

De Inform behandelt ook de procedure voor kwetsbare minderjarige staatloze vreemdelingen. De meeste lidstaten kennen geen specifieke procedure om de status van staatloze te verwerven voor kinderen. Wel krijgen zij, net als alle andere alleenstaande minderjarige vreemdelingen, een voogd toegewezen. Als laatst is stilgestaan bij het proces van verkrijgen van de nationaliteit van een lidstaat. Hieruit is gebleken dat de procedure voor het verkrijgen van de nationaliteit in de meeste lidstaten voor staatlozen makkelijker is dan voor andere vreemdelingen. Dit is in het bijzonder het geval indien de staatloze geboren is op het grondgebied van de lidstaat.

 

Meer informatie is hier beschikbaar. De Inform kan hier gedownload worden.

 

EMN Inform over sociale media

 

Deze EMN Inform beschrijft het gebruik van sociale media bij mensensmokkel en hoe de monitoring van sociale media ingezet kan worden door de lidstaten om mensensmokkel tegen te gaan.

 

De afgelopen jaren is er steeds meer aandacht gekomen voor het gebruik van sociale media door migranten en mensensmokkelaars. Sociale media wordt door migranten en mensensmokkelaars veelvuldig ingezet om reisroutes in kaart te brengen en vervoer te regelen. Dit gebruik leidt tot nieuwe uitdagingen voor de lidstaten om mensensmokkel tegen te gaan. Dit is de aanleiding geweest voor het EMN om in 2015 kort onderzoek te doen naar het gebruik van sociale media en hoe (de monitoring van)sociale media ingezet kan worden door de lidstaten om mensensmokkel tegen te gaan.

 

Enkele belangrijke bevindingen uit deze Inform zijn dat sociale media de laatste jaren in toenemende mate worden gebruikt door zowel smokkelaars als migranten, aangezien zij goedkoop zijn, relatief veilig te gebruiken zijn en doeltreffender zijn in het bereiken van een bepaalde groep migranten. Op Facebook zijn pagina’s te vinden die informatie bevatten over reisopties (inclusief prijs), contactgegevens van smokkelaars, live blogs van migranten die onderweg zijn naar Europa, informatie over wat te doen na de aankomst in Europa of bij een aanhouding. Ook hebben sociale media een belangrijke rol gespeeld in het verhogen van het volume en de doeltreffendheid van smokkeloperaties.

 

Het toenemende gebruik van sociale media heeft volgens Frontex, het Europees grensagentschap, een reëel effect op irreguliere migratie. Door sociale media kunnen migranten zich sneller verzamelen op bepaalde locaties om van daaruit te vertrekken. Daarnaast geven sociale media makkelijk en snel toegang tot actuele informatie; hierdoor kunnen smokkelaars zich sneller aanpassen aan veranderde omstandigheden, zoals controles door overheidsinstellingen. Het gebruik van sociale media heeft dus geleid tot een groter effectiviteit van smokkelactiviteiten. Dit leidt er toe dat het moeilijk is om dergelijke misdrijven accuraat te onderzoeken en de betrokkenen te vervolgen, gezien de routes steeds worden aangepast. Daardoor kunnen de mensensmokkelaars ontkomen aan de rechtshandhaving en veiligheidsdiensten. Het is interessant om te weten dat de meeste lidstaten social media monitoren op aanwijzingen voor mensensmokkel. Deze informatie wordt vooral gebruikt om internetpagina’s te sluiten (in samenwerking met sociale media bedrijven) of als bewijsmiddel in strafrechtelijke procedures. Finland, Hongarije en het Verenigd Koninkrijk hebben bijvoorbeeld formele overeenkomsten met sociale media bedrijven gesloten op het gebied van bestrijding van mensensmokkel.

 

De Inform geeft ook inzicht in mogelijkheden om sociale media nog beter te gebruiken in het bestrijden van mensensmokkel. De Europese Commissie en de lidstaten hebben bijvoorbeeld een toenemende behoefte gesignaleerd aan publiek-private samenwerking met internet providers en sociale media bedrijven. Ook is er behoefte aan de ontwikkeling van contra-verhalen op sociale media. Deze contra-verhalen, onder andere bewustwordingscampagnes, kunnen helpen voorkomen dat potentiële migranten gevaarlijke reizen ondernemen en deelnemen aan illegale migratie. Een aantal uitdagingen die grenzen stellen aan het optimale gebruik van sociale media in de bestrijding van mensensmokkel zijn onder andere het recht op privacy van gebruikers, encryptie,gebruik van het zogeheten dark net, en belemmeringen bij het daadwerkelijk kunnen gebruiken van bewijsmateriaal op internet bij de vervolging van verdachten. Informatie voor deze Inform is vergaard door middel van vragen aan de verschillende EU lidstaten en een workshop in juni 2016 over dit onderwerp in Brussel.

Tijdens de workshop zijn met name mogelijkheden om met sociale media bedrijven zoals Facebook samen te werken om mensensmokkel tegen te gaan besproken.

 

Meer informatie over de Inform is hier beschikbaar. De Inform kan hier gedownload worden.
















Uitgelicht


Zoeken