Direct naar  hoofdmenu / submenu / zoekveld

Allochtonen halen hun partner minder vaak uit het buitenland

 Steeds meer Nederlanders van Turkse en Marokkaanse afkomst trouwen een partner die al in Nederland woont. Daardoor neemt het aantal migratiehuwelijken af. Die trend signaleert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). 

In 2002 haalde in bijna de helft van de gevallen een Turkse of Marokkaanse Nederlander zijn huwelijkspartner uit het buitenland. Tien jaar later doet nog maar één op de zes dat. Voor een geschikte partner kijken de meesten nog wel in eigen kring. 80 procent van de Nederlanders van Turkse of Marokkaanse afkomst kiest een partner van dezelfde herkomst. 

 

Uit het onderzoek blijkt verder dat tweedegeneratie allochtonen veel minder vaak trouwen met iemand uit het buitenland dan hun ouders. Onder Marokkanen is het aandeel migratiehuwelijken onder de eerste generatie met 23 procent ruim twee keer zo groot als onder de tweede generatie. 

 

In 2011 zijn in Nederland 33,8 duizend allochtonen getrouwd. Hiervan waren er in totaal 2,8 duizend een migratiehuwelijk, oftewel 8,3 procent. Dat is iets minder dan in de twee jaren daarvoor en flink minder dan in 2002, toen het aantal migratiehuwelijken op 20 procent lag. Niet-westerse allochtonen halen hun partner veel vaker (12,3 procent) uit het buitenland dan westerse allochtonen (2,8 procent). 

 

Aandeel migratiehuwelijken onder huwende allochtonen naar herkomstgroep

migratiehuwelijken 

 

Bron: Volkskrant en CBS

 

Uitgelicht


Zoeken